Je ziet het wel vaker: In een land waar op nationaal niveau de democratische waarden onder druk staan blijkt lokaal nog heel veel mogelijk. Zo ook in Polen. Daar viert het nationalisme onder de PiS hoogtij en bezorgt de Poolse regering de Europese Unie kopzorgen met hun beleid om meer greep te krijgen op rechtelijke macht, onderwijs en media. Tegelijkertijd worden er in Gdansk en andere plaatsen burgerfora georganiseerd die direct invloed hebben op het overheidsbeleid. In het online verkrijgbare boek Citizens assemblies, guide to a democracy that works beschrijft Marcin Gerwin hoe ze dat in Polen doen.
Gerwin begint zijn boekje niet met een uitvorige analyse van de tekortkomingen van het huidige democratische bestel. Mogelijk uit voorzorg, maar het kan ook zijn omdat ze in Polen wel weten wat er aan schort. Ze ondervinden die tekortkomingen dagelijks aan den lijve.

Het ontbreken van de analyse heeft ‘Citizens assemblies’ geen kwaad gedaan. Gerwin neemt de lezer mee in alle facetten van de klassieke vorm van het burgerforum zoals sinds de jaren 80 ontwikkeld door James Fishkin. Kort gezegd gaat het om het, met behulp van loting, verzamelen van een representatieve groep burgers, hen laten bijpraten door experts en vervolgens via geleide sessies komen tot een weloverwogen besluit.

Gerwin beschrijft de methode stap voor stap op een prettige toon. Nergens wordt het drammerig of negatief. Het burgerforum als een kado aan de democratie dat al lezende wordt uitgepakt. Voor niet statistici is de beschrijving van de selectieprocedure wat complex maar de schrijver verzekert ons dat het in de praktijk erg mee valt. Volgens hem leidt de procedure tot representativiteit op vier criteria, leeftijd, gender, opleiding en waar iemand woont.

Er is veel te zeggen over de rol van experts, de relatie tussen loten en representativiteit en de dominant aanwezige facilitators. Vanuit de G1000 vliegen wij dat substantieel anders aan. Maar het enthousiasme en de oprechtheid waarmee Gerwin het burgerforum beschrijft maakt dat je deze form van democratische innovatie ziet als een serieuze mogelijkheid die in ieder geval de tekortkomingen van een referendum ruimschoots overstijgt.

Auteur: Marcin Gerwin

Uitgever: Otwartyplan, Krakov, Polen

Pagina’s: 88

James Fishkin is professor aan de Stanford University met als specialisatie deliberatieve democratie. Hij was één van de eersten die een theoretisch kader formuleerde voor deliberatie: de vakterm voor het betrekken van burgers middels gesprekken bij de politieke besluitvorming. In zijn benadering staat de behoefte van de organisator van de deliberatie, meestal de overheid, centraal. De centrale vraag daarbij is: hoe krijgen wij de deelnemers op een voldoende niveau, zodat wij hen het besluit toe kunnen vertrouwen. Daartoe is het in zijn visie van belang dat de deelnemer als het ware ’opgevoed’ wordt met de juiste kennis en kunde, voordat tot besluitvorming wordt over gegaan. Wij noemen dit de ’academische aanpak’, die je ook in bijgaand boek terug ziet.

Deze staat haaks op wat wij noemen de ’democratische aanpak’ van deliberatie, waar de G1000 op gebaseerd is. In deze aanpak staat de behoefte van de deelnemer centraal. Uitgangspunt is de autonomie van de deelnemer en de a priori aanwezige capaciteit om zelf te beschikken en te beslissen, ook zonder dat eerst gewerkt wordt aan kennis en/of kunde. Besluiten wij dan zonder toegevoegde kennis? Integendeel, de kennis wordt al naar gelang de vraag van de deelnemers gemobiliseerd: ’experts on tap, not on top!’ zoals onze Engelse collega’s zo treffend verwoorden. Maar pas nadat, zonder bias, deelnemers hebben geformuleerd wat zij belangrijk vinden in relatie tot het vraagstuk.

Share This